Almere Natuur

Dé blog over de Almeerse natuur


Een reactie plaatsen

Zwanensoos

Het gras is “luiskaal” nabij het woonzorgcentrum de Kiekendief in Almere Centrum. Wilde eenden, meerkoeten, kokmeeuwen en enkele zwanen staan te wachten op nieuwe aanvoer van voedsel. Gras is hier niet meer te eten. De vogels azen dus op de volgende bewoner die met een zak oud brood langs komt, onderweg naar het winkelcentrum. Net als ik mijn fiets parkeer, zie ik een vrouw de inhoud van een flinke broodzak het water in storten. Vervolgens storten de vogels zich en masse op de rijke dis. De feeding frenzie is op ruime afstand te horen en trekt daarmee nog meer vogels aan.

Na enkele minuten is het weer rustig. Het wachten is weer op een nieuwe lading. Ik heb geen zak brood bij mij, slechts een verrekijker en opschrijfboekje. Als ik naar de waterkant loop, heb ik wel direct alle vogelaandacht. Ik ben hier niet voor het voeren van de vogels maar om de “burgelijke stand” van de zwanen op te nemen. Vrijwel alle zwanen zijn hier namelijk met unieke codes geringd. Zo weten we al heel veel van de vogels, waar en wanneer ze voor het eerst het daglicht zagen, wie hun ouders zijn, wie de partners. Door met regelmaat de ringen af te lezen krijgen we inzicht in de opbouw van deze groep vogels. Zijn het allemaal jongen? Zitten ze alleen maar bij elkaar voor het voer, of hebben ze ook andere bedoelingen?

Met de kou op komst is het samenklonteren wel een handige strategie. Samen houden ze zo wel een wak open en zijn daardoor niet verstoken van water. Het lijkt ook wel dat ze weten dat brood gedurende de winter niet echt een probleem wordt. Die aanvoer is inderdaad wel gegarandeerd. De zwanen zijn zo tam dat in no time 10-15 vogelringen zijn afgelezen en in mijn opschrijfboekje staan. Tussen de doorgaans jonge vogels zie ik ook ineens een oude ring. Het is een mannetje die we in 2004 als volwassen vogel hebben geringd. Hij is daarmee één van de oudste vogels in onze geringde populatie. We zijn immers in 2003 met ons onderzoek begonnen. Omdat we de exacte leeftijd tijdens ringen niet weten, kan ik slechts zeggen dat hij minimaal zeventien jaar oud is. Het verbaast me wel dat zo een volwassen vogel tussen al het jonge grut staat. Volwassen zwanen zijn territoriaal en vechten vaak met soortgenoten.

Kennelijk heeft hij het voorjaar nog niet in de kop en is het voedsel belangrijker dan het verdedigen van een eigen leefgebied. Verderop in de groep zie ik twee vogels die wel al aan het voorjaar lijken te denken. Er wordt driftig gebaltst. En als een derde vogel interesse toont wordt hij vinnig weggebeten. Snel even de ringen van die twee aflezen, ze blijken allebei drie jaar oud. Wellicht is dit een nieuw broedpaar?

’s Avonds thuis voer ik de ringen in de computer in. Het is inmiddels het zevende bezoek dat ik aan de soosplek heb gebracht. Desondanks zijn twee vogels waarvan ik de ring aflas, nog niet eerder door mij daar gezien. De database verbergt nog wel meer spannende informatie over deze intrigerende soort. In het voorjaar als de soos uit elkaar valt, moeten we de boel maar eens grondig uitwerken. Er zit vast wel een artikel in voor “de Grauwe Gans” het blad van de Vogelwerkgroep Flevoland.

Ton Eggenhuizen

Advertenties