Almere Natuur

Dé blog over de Almeerse natuur


Een reactie plaatsen

Hatsikidee, weer een orchidee

IMG-20160623-WA0010Juni en juli zijn de orchideemaanden bij uitstek. Als je de goede biotopen weet te herkennen is het vinden van een orchidee – plantkundigen zeggen kortweg orchis – een fluitje van een cent. Uit Almere zijn nu zeven soorten bekend. De Rietorchis en de Brede wespenorchis komen het meest voor. Moeraswespenorchis vinden we op een paar plaatsen, gelukkig in een groot aantal. Brede orchis en vleeskleurige orchis zijn schaars en bijenorchis en piramideorchis zijn ronduit zeldzaam.

Orchideeën hebben voor velen een exotische klank. Inderdaad, de meest opvallende orchideeën zijn tropische planten. Voor de inheemse soorten moet je op de knieën om de complexe maar veel kleinere bloemen te bewonderen. Niet alleen het bloempje, maar ook de biologie is complex. De exotische naam is er helaas ook verantwoordelijk voor dat planten uit de natuur worden geroofd. Ook in Almere komt het voor dat planten worden uitgegraven en geplukt. Uitgraven en in de eigen tuin zetten heeft bar weinig zin. De biologie is zo bijzonder dat een zomaar verplaatste plant hooguit één seizoen meegaat en daarna nooit meer opkomt.

De biologie van de orchidee begint natuurlijk bij het zaad. Dat is uiterst licht van gewicht waardoor het makkelijk door de wind wordt opgepakt en zich verspreid. Desondanks zien we niet overal orchideeën groeien. Het zaad moet namelijk wel in “vruchtbare bodem” vallen. Voor een orchis is dit vruchtbaar als de exact juiste verhoudingen in meststoffen (meestal heel weinig), kalk, vochtigheidsgraad en vooral ook de juiste bodemschimmels aanwezig zijn. Het zaad is namelijk zo licht omdat het geen kiemstoffen heeft. Als een zaadje bij de goede schimmel landt, wordt het door de schimmel geïnfecteerd. Op die wijze kan het zaadje voedingsstoffen uit de omgeving halen en groeit het uit tot een plant. Maar ook daarna leven schimmel en orchidee in symbiose samen.

Al deze soortspecifieke omstandigheden van de bodem maakt dat veel orchideeën zeldzaam zijn. Door uitgekiend beheer zijn ze duurzaam op een plek te houden. Maaien nadat de plant zaad heeft geproduceerd en afvoeren van maaisel zijn belangrijke maatregelen. Maar ook maaien met licht materieel waardoor de bodem niet te veel wordt samengeperst.

Almere is een gemeente met veel ruimtelijke ontwikkelingen. Het verdient – gezien het voorgaande – de voorkeur dat bestaande groeiplaatsen zoveel mogelijk worden ingepast in die ontwikkelingen. Lukt dit niet, dan kan verplaatsen een optie zijn. Hiervoor betoog ik echter dat verplanten weinig zin heeft. Dat geldt in mindere mate voor algemenere soorten. Uit het feit dat ze algemener zijn, mag je immers concluderen dat die iets minder kritisch zijn in hun groeiplaatskeuze. Als de ontvangende plek niet te ver weg is, als deze qua bodem vergelijkbaar is, als de plant maar in een voldoende grote kluit wordt verplaatst, als de ontvangende plek in het verleden geschikt was, dán is verplaatsen te overwegen. Dat zijn nogal wat “alsen” en zo een klusje moet dan ook door een deskundig ecoloog worden begeleid.

Ton Eggenhuizen

Advertenties