Almere Natuur

Dé blog over de Almeerse natuur

Ecologische bestrijding van plaagdieren

Een reactie plaatsen

image003Je zou haast denken dat plaagdieren vooral komkommers eten. Het is namelijk in deze tijd dat de berichten over plaagdieren vaak de kranten vullen. Soms is het slechts een hype. Iemand roept: “goh, er zijn dit jaar wel erg veel {vul-maar-in-welke-soort}”. Een tweede persoon meent dat ook gezien te hebben en vervolgens gaat het balletje rollen. Aan de andere kant, deze periode van overmatige groei in de natuur is natuurlijk ook wel geschikt voor plaagvorming.

Maar, plaagvorming is een zeldzaam fenomeen. Ga maar na, als het ieder jaar zou voorkomen valt het ons niet meer op en beschouwen we het als een normaal (bijvoorbeeld seizoensgebonden) fenomeen. Als bomen maar eens in de tien jaar blad zouden krijgen, zouden we de plotselinge bladval in de herfst ook als plaag beschouwen.

Plaagvorming – zoals nu ook in Almere in de kranten komt met de groene dansmug – is zeldzaam omdat net toevallig alle omstandigheden gunstig zijn. Iedere soort heeft relaties met andere plant- of diersoorten. Relaties in de sfeer van ‘eten en gegeten worden’. Deze relaties en abiotische omstandigheden (denk aan temperatuur, vocht) bepalen of een soort ergens aanwezig kan zijn. Als al deze balletjes goed vallen, wint zo een soort de lotto en groeit massaal in aantal. Maar die plaag duurt nooit lang. Door de explosieve groei veranderen ook de relaties. Een voedselsoort wordt uitgeput door het plaagdier, rovers die op het plaagdier jagen nemen toe. Dit zijn de omstandigheden die de stand van het plaagdier weer doen kelderen. Deze groei en terugval vertoont doorgaans een klokvormig verloop (zie afbeelding).

De roep om in te grijpen bij plagen zit ons in het bloed. We willen beheersen, beheren, onder controle houden. Maar is dat slim? Het moment van ingrijpen vindt plaats in de periode dat we er last van hebben. Dit valt samen met de periode van explosieve groei, tot aan het bereiken van het hoogtepunt. Door juist op dat moment naar de gifspuit te grijpen, zorg je ervoor dat de groeipotenties aanwezig blijven. De populatie van prooien keldert niet, een roofdierpopulatie krijgt niet de kans om te groeien. En als het middel is uitgewerkt, groeit de kwaal weer. Je zal de gifspuit (met al dan niet “biologische middelen”) weer uit de schuur moeten halen.

Het goede nieuws is dat ecologische plaagbestrijding vooral een kwestie is van niets doen en de natuurlijke omstandigheden het werk laten doen. Het slechte nieuws is dat dit lang niet altijd mogelijk is. Waar (economische) schade of gezondheidsrisico’s in het geding zijn, kan plaagdierbestrijding noodzakelijk zijn. Maar ook dan kunnen we lering trekken uit de ecologische principes. Je zal bij plagen als eerste moeten vragen waardóór het plaagdier zo algemeen heeft kunnen worden. Juist dáár zit de sleutel van een effectieve bestrijding.

Ton Eggenhuizen

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s